speellijst |




 
FR | EN
Aa - Aa - Aa - print
info



Het wijde land

NEDERLANDSTALIGE VOORSTELLING

tekst Arthur Schnitzler
van en met Koen De Graeve, Jolente De Keersmaeker, Damiaan De Schrijver, Sara De Roo, Charlotte Vandermeersch, Stijn Van Opstal en Geert Van Rampelberg

scenografie
STAN, Olympique Dramatique en Matthias De Koning
lichtontwerp
Thomas Walgrave
beschildering doek Tom Liekens
kostuums
Inge Büscher
, assistentie Filip Eyckmans
muziek Frank Vercruyssen
productie en techniek Toneelhuis en tg STAN

première 24 oktober 2013, Toneelhuis Antwerpen

­

Obstakels bij het hebben van een relatie met een getrouwde vrouw:
Het is toegestaan de vrouw van een ander te verleiden wanneer men het gevaar loopt te sterven van liefde voor haar.
De intensiteit van deze liefde kent tien gradaties, gekenmerkt door volgende tekens:
1/ liefde door de ogen -  2/ geestesverwantschap - 3/ obsessie - 4/ slapeloosheid - 5/ vermageren - 6/ afkeer van plezier – 7/ verlies van fatsoen – 8/ waanzin – 9/ vervaging en verzwakking - 10/ uiteindelijk, de dood.
(uit de Kamasutra)

Wij. Wij willen geen woeste liefde, wij eisen geen bloed, wij schreeuwen niet om wraak. Niet meer.
Wij zijn ruimdenkend, zachtvoelend, perfect geïnformeerd, klaarkijkend en warm.
Wij zijn vrij, eindelijk vrij, eindelijk vrij! Bevrijd van het juk der instincten.
Fok, daar is Lust! Ga heen, Lust!
Aargh, daar komt Passie! Geile trut! Ophitser! Laat ons met rust!
Wij zijn net zo evenwichtig.
We gaan de goeie richting uit, wij.
't Is eenrichtingsverkeer, die evolutie, dus het zal wel de goeie richting zijn?!
Op elke lichtvoetigheid voorbereid zijn wij, aan ieders luimen aangepast.
Ja! Het is vrij dat wij zijn. Onthecht, jongens! En meisjes. Hmmm.
Wij koesteren keuzes. onderdanig als heersers.
En als Passie en Lust ons toch overmeesteren, dan heeft iedereen daar begrip voor. Jep! Iedereen.
Prachtwezens zijn wij.
(Allen lachen. Wat een elegante zoogdieren, zeg!)
Een stuk voor geile middelbare levers met één jonge knaap (die hopelijk sterft op het eind, de eikel).




"Ik denk dat ik u gemeden heb uit een soort dubbelgangers-schuwheid... Uw determinisme zo goed als uw scepsis - wat de mensen pessimisme noemen -, uw gegrepen zijn door de waarheden van het onbewuste, door het driftleven van de mensen, uw ondermijning van de cultureel-conventionele zekerheden, het persisteren van uw gedachten bij de polariteit van liefhebben en sterven, dat alles trof me met een beangstigende vertrouwdheid ( - ).  Zo heb ik de indruk gekregen, dat u door intuïtie - maar eigenlijk als gevolg van precieze zelfwaarneming - alles weet, wat ik door moeizame arbeid bij andere mensen heb blootgelegd."
(Fragment uit een brief van Sigmund Freud aan Arthur Schnitzler uit 1922)





© 2001-2014 tg STAN / alle rechten voorbehouden |
- Aa - Aa - Aa - print | top