De eenzame weg is een stuk van de Oostenrijker Arthur Schnitzler, de chroniqueur van de Weense decadentie. Hij schreef het in 1904, halverwege zijn carrière. We beleven een kleine Schnitzler-revival, want het is de tweede Schnitzler van het seizoen, na de enscenering van Het wijde land door de Theatercompagnie in februari. Maar verder uiteen kunnen twee regie-opvattingen niet liggen.

In de voorstelling van de Theatercompagnie streefde regisseur Theu Boermans een natuurgetrouwe speelwijze na, wat resulteerde in een waarlijk meeslepende toneelavond. Gisteravond zag ik een voorstelling waarin iedere vorm van identificatie – van de acteurs met hun rol, en dus van het publiek met de acteurs – op voorhand werd gefrustreerd.

Op een kluitje

Nu zijn we bij de Vlaamse toneelgroep STAN wel wat gewend. Ze zijn sterk beïnvloed door het Discordia van Jan Joris Lamers, ook al geen makers van 1-op-1-theater. Bepaalde verveemdende methoden zijn dan ook vertrouwd. Zoals: met alle acteurs op een kluitje staan en elkaars verrichtingen met een mengeling van verbazing en interesse gadeslaan, ook als de tekst slechts twee of drie spelers voorschrijft.

Meer aanpassingsvermogen vergt een andere ingreep: de acteurs wisselen steeds van rol, soms zelfs binnen een en dezelfde scène. Het effect is dat je het gevoel krijgt bij de spelers in het repetitielokaal te zitten. Laten we het eens zo proberen, en dan weer zus.

Abstracte Schnitzler

Het verhaal van Schnitlzer schuift zo naar de achtergrond. Het gaat niet meer om Professor Wegrat, zijn stervende vrouw en zijn zoon Felix die erachter komt dat hij een onecht kind is van schilder Julian Fichtner, nee het gaat om naamloze, inwisselbare vaders en zonen en hoe die twee om elkaar heen blijven draaien. Of het gaat om zomaar twee geliefden die elkaar niet kunnen naderen. STAN abstraheert van Schnitzler, zou je kunnen zeggen, en brengt het drama terug tot een kale kern: mensen die vastzitten in leugens, in onmacht, in eenzaamheid.

‘Men kan alleen verliezen wat men bezit. Men kan alleen bezitten waar men recht op heeft,’ zegt een van de personages. Het is illusieloos maar daarom niet minder mooi theater.

 Elsevier weblog, De Toneelmeester (Thomas van den Bergh), 16 mei 2007

Frans