Aanval op de Bijbel

In de zomer van 1925 was een klein stadje in Tennessee heel even het centrum van de Verenigde Staten. Hier kwamen de bekendste juristen, politici en kerkvaders samen om voor eens en altijd het dilemma van Bijbel versus evolutie te beslechten. Centraal hierbij stond de 24-jarige leraar John Thomas Scopes, die in april van datzelfde jaar de evolutietheorie van Charles Darwin had onderwezen aan zijn leerlingen. En dat mocht niet, want nog geen maand eerder had de raadsvergadering van de staat een wet aangenomen die "het onderwijzen van elke theorie die het scheppingsverhaal zoals die in de Bijbel staat opgetekend verloochent" verbood. Deze wet ondervond veel tegenstand onder leraren en wetenschappers, en velen bleven lesgeven uit het wettelijk vastgestelde biologieboek, dat ook de evolutietheorie behandelde. In Dayton, Tennessee, echter, waren er enkelen die vonden dat er iets tegen deze wet gedaan moesten. Zij vonden in John Scopes een man die bereid was terecht te staan om de zaak landelijke bekendheid te geven.

Het waren niet de minsten die zich met de zaak bemoeiden. Voor de verdediging kwamen Clarence Darrow, de bekendste advocaat van het land, en Dudley Malone, een bekend redenaar, naar Dayton. Als aanklagers fungeerden onder andere drievoudig presidentskandidaat William Jennings Bryan en Procureur-Generaal A. Thomas Stewart. De volgende acht dagen zagen de juristen in topvorm. De toespraken van Malone en Darrow werden in de pers geroemd als 'toespraken van de eeuw', en landelijk werden Bijbel en Darwin opnieuw bestudeerd en besproken. De 'misdaad' van Scopes deed er al snel niet meer toe; hier ging het, in de ogen van sommigen, om een rechtstreekse aanval op de Bijbel.

Droge wettelijke teksten

Het Vlaamse toneelspelersgezelschap Stan heeft de documenten van de rechtszaak genomen, vertaald en ingedikt tot een toneelstuk dat op zijn minst zeer interessant genoemd kan worden. Met slechts drie acteurs, waarvan twee continu van rol verwisselen, lukt het hen een volledige rechtzaal neer te zetten, van advocaten tot getuigen, en van jury tot de gedaagde Scopes. Damiaan De Schrijver is de enige constante factor als rechter Raulston. De andere acteurs, Robby Cleiren en Frank Vercruyssen, spreiden een dynamiek ten toon in het weergeven van uiteenlopende karakters (Vercruyssen als 14-jarige leering van Scopes is met name erg goed), waardoor de soms droge wettelijke teksten nooit vervelen.

Charme

Nog voor het begin van het stuk vraagt Frank Vercruyssen om een twaalftal vrijwilligers uit het publiek die de jury gaan vormen. "Alleen mannen, want zo ging dat in 1925." Dit, plus de kleine acteursploeg, zorgt voor een intieme sfeer. Iets dat in de voorstellingen die ik gezien heb, alleen maar versterkt werd door het feit dat Damiaan De Schrijver kort na de pauze tot twee keer toe de slappe lach kreeg, waardoor Robby Cleiren zich ook nog amper goed kon houden. Een half uurtje later volgde ook Frank Vercruyssen, toen de jury plots een man tekort kwam. Maar voor zover ik kon zien, was er niemand in het publiek die dat als hinderlijk ondervond. Met name De Schrijver is een genot om te zien, met zijn stil spel en gezichtsuitdrukkingen, en ook Cleiren als advocaat Darrow is een echte publieksspeler. En toegegeven, het klinkt misschien clichématig, maar dat Vlaamse accent voegt toch een zekere charme toe.

Relevant

The Monkey Trial is met drie uur een lange zit, maar zeker de moeite waard. Het onderwerp is nergens ouderwets. Deze dingen spelen, met name in het zuiden van de VS, maar niet alleen daar, nog altijd een rol. George W. Bush, die toch voor een zeker deel van de Amerikaanse bevolking kan spreken, zei in 2000 nog, "After all, religion has been around a lot longer than Darwinism," een argument dat Bryan ook al in de Scopes-rechtzaak gebruikte.

8weekly Webmagazine, Mark de Vries, 17 februari 2004