interview met Damiaan De Schrijver

Samen met Peter Van den Eede toert acteur Damiaan De Schrijver van theatergezelschap Stan door Frankrijk met My Dinner with André. Koken en eten spelen niet alleen een belangrijke rol in dat toneelstuk, maar ook in het leven van Damiaan De Schrijver.

'In My Dinner with André zitten Peter en ik drieëneenhalf uur aan tafel te praten. Je ziet ook een kok die in zijn keuken een volledige maaltijd voor ons klaarmaakt. De voorstelling begint met het aperitief en eindigt met sigaren en cognac. Toeschouwers zorgen er dus best voor dat ze gegeten hebben vóór de voorstelling, anders wordt het voor hen misschien een wat pijnlijke ervaring. (lacht) Dat koken en eten legt een ritme in de voorstelling. Bovendien zorgt het voor onverwachte momenten - ook voor ons. We laten onze gastkoks de vrijheid om te maken wat ze willen. Dat kunnen drie gangen zijn, maar in Toulouse, waar we pas gespeeld hebben, durfde dat al eens uit te lopen tot vijf gangen of meer. Als het op koken aankomt, is de vindingrijkheid van die Fransen niet te onderschatten.'

'Peter en ik moeten dus eten en spelen tegelijk - dat is zeker in het begin niet vanzelfsprekend. In Toulouse was ik die eerste keren wat zenuwachtig, zodat ik niet veel trek had. Maar het went snel, zeker omdat het meestal allemaal heel lekker is. Peter is de prater in het stuk, ik zit er, vooral in het begin, maar wat naar te luisteren. Omdat Peter er door al zijn gepraat niet toe komt veel te eten, draait het er meestal op uit dat ik het meeste eten voor mijn rekening neem. Dat klopt ook met onze personages: Peter speelt iemand die zichzelf graag allerlei grote theorieën hoort verkondigen, mijn personage is een stuk aardser, ik krop alles op. Tot het stuk kantelt en ik uitbarst. Ik spuw dan ook letterlijk mijn eten uit.'

'De koks spelen dus een belangrijke rol in het stuk: niet alleen omdat ze het het ritme aangeven door telkens met een nieuw gerecht aan te komen, maar ook door wat ze serveren: ze kunnen ons lelijk liggen hebben door ons iets oneetbaars voor te zetten, bijvoorbeeld. Stanny Crets gaf ons als dessert een Magnum. Het was niet vanzelfsprekend om al likkend verder te spelen. Het is dus een zaak van vertrouwen tussen ons en de kok, eigenlijk net zoals in een restaurant.'

Vlees

'De meeste koks die voor de voorstelling komen koken zijn bevriende acteurs, regisseurs of mensen uit het theater. Vrijwilligers vinden is helemaal niet moeilijk: dit is een milieu waarin heel veel mensen rondlopen die in eten geïnteresseerd zijn. Bij sommigen gaat dat heel ver. Peter De Bie van Laika bijvoorbeeld is iemand die graag experimenteert met kleurstoffen. Hij heeft zelf ook een voorstelling gemaakt waarin toeschouwers komen kijken hoe eten klaargemaakt wordt.'

'Door zelf de lijst op te stellen met gastkoks, kunnen Peter en ik vooraf toch een beetje inschatten wat we kunnen verwachten. Zo weet ik dat er nog twee keer een kok in de voorstelling komt die graag vegetarisch kookt: dat wordt afwachten, want ik eet heel graag vlees. Ik ben zelfs een liefhebber van orgaanvlees, iets wat je spijtig genoeg steeds minder vindt. Hier in Antwerpen kan je nog naar de Criée, de overdekte markt aan het centraal station, al is het aanbod er klein in vergelijking met de worsten, varkenssnuiten en poten die ik in Toulouse zag.'

'Die uitgesproken smaak van hersenen, tong, lever, nieren, zwezeriken en kloten, dat vind ik de moeite. Ik kom graag in restaurants waar ze dat goed klaarmaken: Piétrain, de Petit Zinc of de ossobuco in De Gulden Beer in Antwerpen, of de Viva M'Boma in Brussel. Maar ik wil zeker ook De Reddende Engel vermelden, aan de kathedraal. Hun pot-au-feu is een absolute must. Trendy interieurs of nieuwlichterij zijn aan mij niet zo besteed - ik ben nogal conservatief op dat vlak. Zo ben ik in Parijs bij Spoon gaan eten, een restaurant van Alain Ducasse, maar dat was niet mijn soort keuken.'

Kookclubje

'Wat me soms ook stoort, is die schijnheiligheid rond vlees: mensen willen een proper stuk vlees op hun bord, zonder verwijzingen naar het dier waarvan het afkomstig is. Ze kiezen een zielig stuk kipfilet in plaats van een volledige kip. Het esthetisch genot om zo'n kip vast te nemen of een konijn te stropen is de meeste mensen al helemaal vreemd. Samen met drie andere mannen hen ik een soort kookclubje, waarin we al eens aan de slag gaan met levende paling of met levende kreeften of krabben - gelukkig doet de kok van De Zeven Schaken ook mee, om alles wat in goed banen te leiden. We noemen onszelf The Fat Four, omdat we samen 400 kilo moeten wegen. Door het povere eten in Cuba (waar De Schrijver opnames deed voor de tv-reeks 'De Koning van de Wereld', js) ben ik eerder dit jaar serieus afgevallen, maar dankzij My Dinner with André is het ondertussen weer goedgekomen.'

De Tijd, Tom Michielsen, 16 november 2005