Sara De Roo: ‘We zijn Bernhard-fans

Ook aanwezig op het Kleppersfestival: tg STAN met “”Redde wie zich redden kan” geen slechte titel” . Sara De Roo vertelt er meer over. ‘Iets wat alleen maar mooi is, dat gaat vervelen’.

Waar gaat het stuk over?
Het is gebaseerd op een aantal 'Dramoletten' van de Oostenrijker Thomas Bernhard. Dat zijn korte verhaaltjes die elk vanuit een verschillend standpunt de verrechtsing van de maatschappij tonen. Ze zijn geschreven eind jaren ‘70, begin jaren ‘80. Toch hebben ze nog actualiteit in zich. Er is bijvoorbeeld een dramolette genaamd ' Freispruch' - vrijspraak - en dat gaat over allemaal mensen die belangrijke posten in het leger hebben gehad in de Tweede Wereldoorlog. Die praatten heel ongecomplexeerd over hoe ze mensen om het leven hebben gebracht en zo. Dat lijkt misschien ver weg, maar is tegelijkertijd ook heel dichtbij en herkenbaar.

Dit stuk is het tweede deel in een Bernhard-Trilogie
Wij spelen heel graag Bernhard en we zijn Bernhard-fans. We willen zeker nog een stuk van hem brengen. Maar ik kan me niet voorstellen dat we daarna stoppen.

Waarom zo’n Bernhard-fans?

Omdat hij in het tussengebied schrijft. Bernhard heeft altijd de rand van het acceptabele opgezocht, van wat je wel en niet mag zeggen en schrijven. Als toneelspeler is dat een heel fascinerend gebied om in te vertoeven. Bernhard is zo slim en hij formuleert alles zo geniaal dat het meer is dan alleen maar schelden. Je kan niet anders dan het ook op jezelf betrekken. Er worden gruwelijke dingen gezegd, maar Bernhard is ook heel vriendelijk. Men noemt hem soms een mensenhater, maar tegelijkertijd besteedt hij zoveel energie en zinnen aan de mensheid, ik kan niet anders dan denken dat hij wel heel hard van mensen moet houden.
Je kunt het van twee kanten bekijken, maar ik denk dat wij ons nogal vinden in de vloekende manier om van mensen te houden. Die tegenstelling zit in de mooiste dingen. Ik denk niet dat iets mooi kan zijn zonder lelijk te zijn. En ik meen dat. Iets wat alleen maar mooi is, dat gaat vervelen. Ik denk dat ons dat wel bindt met het werk van Bernhard. Het is dat onbegrijpelijke, iets dat niet te vatten is bij Thomas Bernhard, dat fascinerend is en waardoor je het niet beu raakt.

Moet je als toeschouwer alert zijn?
Altijd. Of niet, dat moet de kijker zelf uitmaken. Ik kan me voorstellen dat het heel leuk is om achterover geleund een voorstelling te zien en wat los er bij te associëren. En je hebt ook mensen die elk woord horen en bij alles reageren. Het is wel fijn om een alert en meedenkend publiek te hebben. Soms voel je echt dat mensen reageren op dingen waar normaal niet op gereageerd wordt, en dat is heel stimulerend, het geeft heel veel energie om je best te doen.

Blij dat je kan meespelen in het Kleppersfestival?
Absoluut. Ik vind het een leuk festival. Ik vind het fantastisch om daar te spelen en ben heel trots als we in de Bourla staan. We krijgen een ander publiek en het is leuk om weten dat ons stuk ook hier werkt.

Tot slot: wat maakt tg STAN zo uniek?
Onze manier van werken is een overtuiging van ons vieren, maar dat wordt ook heel erg bepaald door wie wij vier zijn, door onze persoonlijkheden. Als één van ons vier niet meedoet aan een voorstelling dan ziet die er helemaal anders uit.
Wat we doen hebben we niet zelf uitgevonden. Wij zijn leerlingen van Jan Decorte, Maatschappij Discordia,… Mensen die de psychologisering uit het theater hebben gebannen en andere dingen zijn gaan doen. Mensen die het toneelspelen tot een meer concreet niveau hebben getild, weg van het klassieke idee over een personage en indeling.
We willen niet in andere gezelschappen passen. We hebben in de beginjaren wel bij anderen gespeeld, maar op een gegeven moment hebben we geconcludeerd dat het niet interessant was en het ons niet bevredigde. We blijven natuurlijk wel met andere mensen werken, anders hadden we niet twintig jaar kunnen bestaan. Maar nu kunnen we toch meer ons eigen ding doen.

Antwerpse Klepperskrant, Tom Nuytemans, 18 februari 2010

Wie is Thomas Bernhard?

""Redde wie zich redden kan” geen slechte titel" is een compilatie van 'Dramoletten' , kleine verhaaltjes geschreven door Thomas Bernhard (1931 – 1989). Bernhard was een Oostenrijks schrijver van gedichten, verhalen en toneelstukken, maar bovenal een controversieel persoon. Zijn verhalen zijn vaak verbitterd, duister en pessimistisch, en bevatten veel zwarte humor en sarcasme. Bernhard schreef zware lectuur, één zin kan soms een hele bladzijde in beslag nemen (of een heel boek, zoals in Auf der Höhe – Rettungsversuch, Unsinn ). Een citaat van Bernhard die hem het best typeert: ‘mensen zijn walgelijk.’

Bernhard hield niet van zijn land. Hij zorgde voor veel controverse een jaar voor zijn dood door in het toneelstuk Heldenplatz te beweren dat Oostenrijk nog niet veranderd was sinds het fascisme. Toch had Bernhard ook zijn verdedigers en wordt hij beschouwd als één van de grootste Oostenrijkse schrijvers.
Thomas Bernhard pakte ook na zijn dood nog verrassend uit: in zijn testament staat expliciet dat geen enkele van zijn toneelstukken op Oostenrijkse bodem gespeeld mogen worden tot 50 jaar na zijn dood. Gelukkig moet u niet tot 2039 wachten, en kan u zijn verhalen in het Kleppersfestival zien.

Nederlands