De erfenis van het Kapitaal

Het kapitaal van vader erven is meestal niet zo’n probleem, tenzij je de dochter van Karl Marx bent natuurlijk. Natali Broods en Sara De Roo pluizen de gevolgen van zijn directe en indirecte nalatenschap uit in The Marx Sisters.

In het hoofdkwartier van De Koe in Antwerpen ronden Willem de Wolf, Natali Broods en Sara De Roo net een tekstrepetitie af. Op de werktafel staan een paar knalrode koffiemokken met de beeltenis van Karl Marx, meegebracht van een bezoekje aan het huis in Trier waar de Duitse denker in 1818 werd geboren. De humor van dit paradoxale staaltje kapitalistische merchandising is het drietal niet ontgaan. Op een kast liggen ook nog twee valse grijze baarden, waarvan nog niet zeker is of ze uiteindelijk gebruikt zullen worden. Ook over de exploitatie van de komische link met The Marx Brothers bestaat nog geen zekerheid.
Nadat De Wolf, die de tekst van The Marx Sisters schreef, zich heeft teruggetrokken, praten we met Broods en De Roo over dit stuk waarin ze voor de gelegenheid zussen zijn van elkaar. The Marx Sisters gaat immers over twee dochters van de auteur van het Communistisch manifest en Het Kapitaal. Toen die in 1883 stierf in Londen, na een leven in armoede en ballingschap, gaven Laura en Eleanor allebei een compleet andere invulling aan het beheer van zijn nalatenschap.
Voor Willem de Wolf, die deel uitmaakt van De Koe, is het niet de eerste keer dat hij de geschiedenis van het socialistische gedachtengoed tot onderwerp neemt van een zelfgeschreven theatertekst.

Natali Broods: De aanleiding was dit keer het boek ‚Liefde en kapitaal’ van Mary Gabriel, over het privé-leven van Karl Marx. De laatste twee hoofdstukken daarin gaan over de twee dochters. Het wordt dus niet zozeer een voorstelling over socialisme of kapitalisme, maar over wat er allemaal komt kijken bij het aanhangen van een ideologie. Dat heeft altijd consequenties voor je persoonlijke leven, voor wat je zelf allemaal moet vinden en doen - en dan liefst op een consequente manier. Daarmee geraak je wel eens in de knoei.

Sara De Roo: Het gaat over ontvoogding. Over de dilemma’s van een mens die zich vragen begint te stellen over zijn verhouding met de groep. Wat heeft hij of zij er voor over om geaccepteerd te worden en mee te blijven draaien? Dat thema van ontvoogding was de link tussen het materiaal in het boek en de actualiteit die we willen aansnijden. De twee zussen moeten zich ontvoogden van de erfenis van hun vader. Van zijn letterlijke erfenis en zijn ideologische erfenis. En ze gaan daar allebei op een heel andere manier mee om. Parallel daarmee gaat het ook over onze eigen omgang met onze goedbedoelde principes. Hoe verhoud je je als individu tot een gemeenschap, al is het zelfs maar tot een theatergezelschap. Waar zit je autonomie en waar conformeer je je aan wat de rest allemaal vindt?

Broods: Ik speel de oudste dochter Laura, over wie minder is geweten omdat ze minder in de voetsporen van haar vader is getreden. Zij heeft op een heel andere manier geleefd dan haar vader en haar zus, veel meer afstand genomen, maar toch ook het deksel op de neus gekregen. Ze heeft haar kinderen verloren terwijl ze net veel ingezet had op het gezin. Eleanor is wel in de voetsporen getreden van haar vader en is op de barricaden geklommen. Maar ze had tegelijk een ietwat vreemde relatie met een man die al met iemand anders getrouwd was en ook nog eens hertrouwde. Daardoor kan je je afvragen hoe het mogelijk was dat zij zo vocht voor de vrouwenzaak, terwijl haar privé-leven daar niet mee in overeenstemming was. Deze twee personages houden elkaar een spiegel voor, en zo wordt het stuk persoonlijker dan dat het politiek is. Hoewel het persoonlijke ook altijd politiek is. Wij hebben de tegenstelling tussen de twee nog groter gemaakt omdat het interessant is om je af te vragen of je meer Eleanor of meer Laura bent. De twee vertegenwoordigen ook het gevecht binnen een persoon. Tijdens hun jeugd kunnen ze het geen van beide gemakkelijk hebben gehad in zo’n atypisch gezin.

De Roo: Ze waren straatarm. Niet van afkomst, want hun moeder was van adel en Karl Marx kwam ook uit een goede familie. Armoede was dus een keuze. Marx koos bewust voor een schrijvend en zwervend leven dat hen van Duitsland over Brussel naar Parijs en Londen heeft gebracht. Het is natuurlijk anders om bewust in de armste wijken van Londen te gaan wonen dan wanneer je niet anders kan. Soms hadden ze ook ineens weer wat geld als Marx wat geschreven had of als de bevriende industrieel Friedrich Engels hen wat toestak. Maar toch

Broods: …een leven leiden op de vlucht en zonder geld terwijl je eigenlijk van adel bent, dat is heftig. Later zijn de zussen rijk geworden door de erfenis van Engels, maar uiteindelijk hebben ze allebei zelfmoord gepleegd. Voor zover je dat kan inschatten allebei om een andere reden. Maar tijdens de voorbereiding zijn we in Bozar ook gaan kijken naar de tentoonstelling Woman over de feministische avant-garde in de jaren zeventig. Ook veel van die jonge vrouwen hebben zelfmoord gepleegd, en ook die vaststelling was van invloed op ons verhaal.

De Roo: Eleanor heeft vrouwenvakbonden opgericht en is in Engeland heel bepalend geweest voor de rechten van de vrouw, die in het Victoriaanse tijdperk nog ongeveer niets mocht. Samen met haar man en met Wilhelm Liebknecht heeft ze zelfs een tournee ondernomen door de Verenigde Staten om arbeiders toe te spreken, en voor hen te onderhandelen met de werkgevers. Stof genoeg tot praten lijkt ons dat.

De Roo: We zijn nu nog aan het zoeken hoe we die verschillende lagen kunnen combineren. Er zitten fictieve monologen en dialogen in, stukken uit biografieën en briefwisselingen. We spreken als personage, maar ook als onszelf. We proberen zo onbevooroordeeld alle kanten te laten zien zonder partij te kiezen. Ik voel me bijvoorbeeld heel verwant met de zinnen die ik zeg, maar ik voel me even verwant met sommige zinnen van Natali. Willem speelt de rare kwast die de man van Eleanor is, maar praat ook over hoe de tekst en de voorstelling tot stand zijn gekomen. Waar de ideeën vandaan zijn komen. In het begin heeft hij een monoloog waarin hij zegt dat hij zich tijdens het lezen van dat boek lui voelde, en misschien wel verwend. Hoe zit het met dat engagement van de Westerse mens? Ik vind het fijn om het daar eindelijk eens over te hebben. Want je kiest als theatermaker wel je stukken, je wil je positioneren, maar je voelt je eigenlijk voortdurend tekort schieten. Je tekent al eens een petitie, maar daarvoor moet je ook maar op een knopje drukken. Het is allemaal een beetje willen maar niet kunnen. Door terug te keren naar Marx krijgt het woord solidariteit toch weer een hernieuwde betekenis. Het Communistisch manifest is eigenlijk een bevattelijk, maar ook een teleurstellend actueel boekje.

Michaël Bellon, Brussel Deze Week Agenda , 31 oktober 2014

Nederlands