'Wij zijn een kleine landje, maar we doen het goed en dat mag internationaal gezien worden'

interview met Sara De Roo en Steven Van Watermeulen

Als Sara De Roo en Steven van Watermeulen van tg STAN zich klaarmaken om aan de voorstelling Lucia Melts van Oscar Van den Boogaard te beginnen, reageert het publiek onmiddellijk enthousiast. Even lijkt het zelfs alsof tg STAN een paar supporters heeft meegebracht naar het prestigieuze festival in Edinburgh. Dat blijkt zeker niet het geval. STAN speelt en pakt iedereen moeiteloos in.

Ook festivaldirecteur Brian McMaster is zeer te spreken over de voorstelling en komt de acteurs op de hoogte brengen dat er al heel wat internationale programmatoren zijn komen kijken en dat die al even tevreden waren. Critica Joyce McMillan van The Scotsman noemt Van Watermeulen en De Roo "twee van de boeiendste acteurs die momenteel in Vlaanderen en Nederland werken" en de voorstelling "een krachtige en opwindende bijdrage" aan het festival. Vijf sterren geeft ze het stuk, het hoogste aantal. Maar dat weten we nog niet op het moment dat we de acteurs ontmoeten.

Van den Boogaard schreef Lucia smelt speciaal voor beide acteurs. Het stuk ging in 2001 in wereldpremière en bleef sindsdien op het repertoire van STAN staan. Terwijl het publiek in een vierkant rond het spel zit, ziet het op de grond een wit tapijt met daarop de architecturale lay-out van een appartement, een decor destijds ontworpen door de B-architecten. Ooit behoorde die flat toe aan een koppel, maar hij trok eruit. Na zes maanden komt hij op bezoek en dat zorgt voor een spel van verdediging, kwetsbaarheid, aanvallen, twijfelen aan de beslissing van destijds of er toch zeker van zijn.

Tg STAN is hier niet enkel om Lucia Melts te spelen maar ook om met het publiek te praten. Want een collectief dat zoals STAN zonder regisseur werkt - "famously", schrijft The Scotsman - zorgt voor gefronste wenkbrauwen over het Kanaal. "Onze manier van werken is men hier niet gewend", zal De Roo daar even later over zeggen. "Wij spreken het publiek direct aan en van die directheid schrikt men hier."

Even later zitten we op het terras van The Hub. Het gesprekje begint op het verkeerde been als De Roo vraagt wat we ervan vonden. Dat de voorstelling uitstekend was, staat buiten kijf, maar ze zakt weg op een moment, antwoorden we. Door het in en uit het personage stappen duurt ze ook wat te lang.

De Roo: "Eigenlijk interesseert me dat niet. Wij nemen namelijk geen beslissingen vooraf. Ik wil de kans hebben om op mijn gezicht te gaan. Belangrijker is hoe je een voorstelling na drie jaar levendig houdt. Goed, misschien hebben we gisteren minder gelukkige beslissingen genomen. Maar je kunt niet verwachten dat het van begin tot einde geniaal is. We zijn allebei mensen en dat willen we laten zien. Ik ben ervan overtuigd dat het dat is wat de voorstelling spannend maakt en dat draagt STAN hoog in het vaandel. Dat levend zijn, dat fouten mogen maken, dat is van het hoogste belang. Dat is een politiek statement. Eigenlijk zouden we daar nog brutaler in moeten zijn."

Wat opviel, was hoe snel en enthousiast het publiek meegaat.

Van Watermeulen: "Van in het begin al. In Vlaanderen groeit het publiek rustiger mee in de voorstelling. Toen ik hier enkele jaren geleden met het Ro Theater Caligula speelde, was dat in een enorme zaal, waar vierduizend man in kon. Er zat vierhonderd man die zeer gereserveerd reageerden."

De Roo: "Dit is natuurlijker veel experimenteler."

Van Watermeulen: "En het heeft ook met de sfeer te maken. Je speelt om halfelf, dus het publiek dat komt is al geïnteresseerd en kaartjes kosten maar 5 pond."

De Roo: (lachje) "Misschien was het publiek wel dronken."

Tijdens het gesprek met het publiek ging het over de unieke werkwijze van tg STAN. Proberen jullie door in het buitenland te spelen die visie uit te dragen?

De Roo: "Je hoopt dat je een bijdrage kunt leveren, maar ook dat je iets terugkrijgt want anders wordt het missiewerk. Maar je wilt wel naar een uitwisseling."

Van Watermeulen: "Het wordt ook tijd dat we naar buiten komen. Dat duurt bij kleine landen altijd langer. Björk heeft het voor zichzelf ook moeilijk gehad met wat ze deed, tot ze merkte dat ze er internationaal mee doorbrak, dat er interesse voor was. Wij zijn een kleine landje, maar we doen het goed en dat mag internationaal gezien worden. Ook om ons systeem te behouden. Als je ziet wat het Ro Theater in Nederland meemaakt, waar de vrije sector de maatstaf is geworden... Pure ellende. In Vlaanderen bestaat die tendens ook."

De Roo: "Ik word niet vrolijk van dit festival (de Royal Mile, waar acteurs hun producties aanprijzen, WE/NK). Bij ons is het gekanaliseerder en mag je risico's nemen in een theater. Op dat gebied zijn we rijker. We hebben het goed en dat moeten we koesteren."

Jullie hebben er vooral problemen mee dat je hier in Edinburgh na de voorstelling geen contact met het publiek hebt.

De Roo: "De foyer is dan ook al gesloten. Het is hier een groot festival, waar je je makkelijk verweesd kunt voelen. Maar ik vind contact met het publiek zeer belangrijk. Als dat er niet is, ga je zo van elkaar vervreemden. Logisch, toch? We zijn niet helemaal ongevoelig."

Is het jullie opgevallen dat Lars von Trier in Dogville een soortgelijke plattegrond gebruikt als die van de flat in Lucia Melts ?

Van Watermeulen: (glundert) "Ja dat heb ik ook gezien. Maar wij waren wel eerst."

De Morgen, Wilfried Eetezonne en Nico Krols, 28 augustus 2004

Nederlands