Irritante boeken zijn vaak het interessantst

interview met Sara De Roo, Damiaan De Schrijver, Matthias De Koning, Peter Van den Eede, Gillis Biesheuvel en Willem de Wolf

Klassiekers, behalve als boekenkastvulling kunnen studenten ze missen als kiespijn. Voor wie het vertikt om de duizend bladzijden tellende 'De Toverberg' van Thomas Mann te lezen, is er nu het theaterstuk We hebben een/het boek (niet) gelezen .

Zo is het gemakkelijk natuurlijk: ze zijn met z'n zessen, de acteurs die zich over het duizend bladzijden tellende ‘De Toverberg’ van Thomas Mann buigen. In de repetitieruimte van De Koe worden sigaren gepaft en wordt taart aangesneden. Een mens leeft niet van papier alleen, laat dat duidelijk zijn.

Sara De Roo en Damiaan De Schrijver van tg STAN, Matthias De Koning van Maatschappij Discordia, Peter Van den Eede van De Koe, Gillis Biesheuvel van Dood Paard en Willem de Wolf van zichzelf verscheuren het boek tot de ambitieuze theatervoorstelling We hebben een/het boek (niet) gelezen .

Er bestaan ook dunnere boeken.

Damiaan De Schrijver: 'Klopt, maar ‘De Toverberg’ is zo'n boek dat iedereen gelezen wil hebben maar waar weinigen toe komen. En zelfs als ze eraan beginnen, haken de meesten halverwege af. Het is dan ook een irritant boek. Dat maakt het zo interessant.'

Wat maakt 'De Toverberg' zo ergerlijk?
Willem de Wolf : De wijsneuzerigheid. Thomas Mann wil per se tonen dat hij de beste leerling van de klas is door zestig bladzijden over planten en kunst uit te weiden.
Gillis Biesheuvel : Thomas wilde natuurlijk zijn broer Heinrich overtreffen, die net een bestseller had geschreven van zeshonderd bladzijden. Dus schrijft hij een boek van van duizend bladzijden dat hij begint met de mededeling dat je het twee keer moet lezen.
Damiaan : De humor zit goed verborgen.

Studenten zien er de humor niet van in.
Sara De Roo : 'De Toverberg’ zou geen verplichte literatuur mogen zijn. Je moet mensen prikkelen tot ze zin krijgen om het boek te lezen. Daarbij kun je hen het advies geven dat het niet erg is dat je bepaalde passages niet begrijpt. Op die manier daagt de schrijver je uit om er iets aan te hebben.
Matthias De Koning : Bovendien moet iedereen voor zichzelf bepalen wanneer hij klaar is voor zo'n klassieker. Er zijn vijftienjarigen die het aankunnen, maar er zijn ook tachtig-jarigen die er te jong voor zijn.

Hoe pakken jullie zoiets aan op de scène?
Matthias : We hebben alles overwogen: we wilden eerst een bar maken waar iedereen iets kon drinken. Toen wilden we het boek aan het publiek cadeau doen, maar dat bleek te duur.
Peter Van den Eede : We hebben een/het boek (niet) gelezen is geen klassieke theatervoorstelling geworden: het is een bloemlezing waarbij we de toeschouwers door het boek proberen te gidsen, terwijl we er tegelijkertijd commentaar op geven.

Wat maakt 'De Toverberg' nu zo bijzonder?
Sara : 'De Toverberg’ is een Google-boek: je vindt er ongelooflijk veel in terug. Mann heeft het over schilderkunst, plantenkunde en aardrijkskunde. Je moet weten dat het boek in 1924 geschreven is. Ongelooflijk.
Willem : Er zitten niet alleen prachtige passages in het boek, het is ook fascinerend om te lezen hoe het hoofdpersonage Hans Castorp in de loop van het boek mondiger en volwassener wordt. Vanuit het sanatorium vervreemden de personages van de wereld, maar ze schetsen net daardoor een bijzonder helder beeld van de tijdsgeest.
Gillis : En de volzinnen die de man schrijft! Soms zijn ze achttien regels lang. Toen hebben we ook op Thomas Mann gevloekt. (grinnikt)

De Standaard, Sarah Vankersschaever, 27 februari 2010

Nederlands