Twee acteurs en de pijn van een voorbije liefde

De strijd gaat tussen twee ex-geliefden die elkaar sinds zes maanden voor het eerst weer spreken. Hij is te gast in wat eens zijn huis was, zij is zenuwachtig. Welke gevoelens leven nog, welke hevige emoties lagen ook alweer ten grondslag aan de scheiding? In Lucia smelt van het Vlaamse gezelschap STAN is dat het leidende thema. Alle intieme ergernissen komen voorbij, zelfs het kloppen van zijn hart irriteerde haar mateloos.

Het publiek zit rond een groot vloerkleed waarop Sara De Roo en Steven Van Watermeulen om elkaar heen cirkelen. Op het tapijt is de plattegrond van het huis aangegeven. Een bank, nieuw gekocht na de scheiding ('ik dacht: als ik een bank heb, ben ik niet alleen'), een bed, een schetsmatig keukentje. Afwisselend spelen en vertellen de acteurs van hun leven samen, doorspekt met vertrouwelijke informatie over de vrienden die zij ooit deelden.

En passant wordt er een dubbele laag gelegd: de ex-geliefden zijn beiden acteur en ontdekten samen het 'niet-ingeleefde' theaterspel. Die afstand tot het personage hadden ze afgekeken van hun favoriete groep 'Harmonia', de overeenkomst met het Nederlandse gezelschap Maatschappij Discordia dringt zich op. Vooral in het begin worden er veel namen en plaatsen in Vlaanderen genoemd. Leuk voor de Vlaamse theater-ingewijden, minder relevant voor de argeloze kijker. Wat voor iedereen herkenbaar is, zijn de clichématige pogingen tot contact, de voorzichtige toenaderingen die afgekapt worden door een te lang gedeeld en onbevredigend samenzijn.

Het door Oscar van den Boogaard geschreven verhaal is niet sterk. Alsof de auteur een lijstje heeft gemaakt met voor de hand liggende zaken, die besproken worden als men elkaar na een verbroken relatie opnieuw ziet. Het gegeven dat hier acteurs aan het werk zijn die 'spelen dat ze spelen' wordt niet uitgewerkt en dat maakt de tekst net zo plat als het vloerkleed.

Gelukkig zijn het Van Watermeulen en De Roo die zich op dat kleed bevinden. Zij zijn vermoedelijk in staat zelfs een weerbericht te verheffen tot een spannende voorstelling. De Roo, hoogzwanger, hoge hakken en een rood jurkje, is tegelijk kwetsbaar en sterk. Van Watermeulen blijft, ondanks zijn Prada schoenen en stoere woorden, een kleine onzekere jongen.

Bovenal zijn het mensen die van elkaar hielden en dat is direct te zien als ze elkaar aankijken. Meer dan de woorden die ze spreken, speelt zich in blikken de worsteling af tussen liefde en aangedane kwetsingen. Die onderhuidse spanning maakt de meest banale uitwisseling boeiend. Als De Roo van Van Watermeulen tegen het einde opnieuw moeten scheiden, is dat oprecht aangrijpend. Je zou de acteurs alleen een betere tekst gunnen.

NRC Handelsblad, Jowi Schmitz, 24 september 2001

Nederlands